|
Ook in 2009 hogere P&I-premies
Het P&I verzekeringsjaar is nog maar ruim vier maanden onderweg en het is nu al duidelijk dat ook in februari 2009 de premies flink omhoog moeten. Rond deze tijd van het jaar publiceren de Clubs de cijfers over het voorgaande verzekeringsjaar. Bij de meeste Clubs was opnieuw sprake van een verzekeringsverlies, de premies waren niet voldoende om de schades te dekken.
De opbrengsten van de belegde reserves moesten dus weer, geheel of gedeeltelijk, worden gebruikt om het gat te dichten. Bij de meeste Clubs waren de opbrengsten van de belegde reserves lager dan in voorgaande jaren. Het is te verwachten dat de Clubs hun beleggingen wat meer risicomijdend zullen maken waardoor de opbrengsten nog lager kunnen worden. In het geval van de London Club kwam door de wisselvalige effectenbeurzen en wat minder gelukkige beleggingen het
gehele verzekeringsverlies ten laste van de reserves. Ook de UK Club en de Britannia Club zagen hun reserves afnemen.
De hoge vrachten werkten door in schadeclaims bij aanvaringen en vastlopen. Andere Clubs meldden dat er dankzij de beleggingsresultaten toch toevoegingen aan de reserves konden worden gedaan en gingen daar nogal prat op. De vraag is maar of dat terecht is. Absoluut nemen de reserves wel toe, maar door de stormachtige groei van de wereldhandelsvloot nam ook het door de Clubs verzekerde tonnage toe. Als de reserves in relatie worden gebracht met het gedekte tonnage kan weleens sprake zijn van een daling.
Intussen blijven de grote claims de Clubs achtervolgen en wordt de wetgeving, nationaal en internationaal, steeds eepsonvriendelijker. Een voorbeeld is de olievervuiling. Door locale politici worden overspannen verwachtingen over schadevergoedingen aangewakkerd, waardoor een onrealistische claimcultuur ontstaat met zwaar overtrokken schadeclaims. Terecht wees de directeur van de North of England Club erop dat de Europese Unie wetgeving pleegt die duidelijk
in strijd is met internationale verdragen. Hij riep de collega-Clubs en belangenverenigingen van reders op om gezamenlijk tegengas te geven. De redenen voor de toename van de grote schades zijn bekend. Menselijke fouten zijn de voornaamste oorzaak van incidenten, de druk op bemanningen is groot en het tekort aan goed opgeleide en ervaren
zeelieden stijgt sterk.
Het blijkt gemakkelijker te zijn nieuwe schepen te bestellen dan ze behoorlijk te bemannen. Een steeds groter probleem in het container-vervoer is het vermelden van te lage gewichten. Dit gebeurt op steeds grotere schaal en vormt een bedreiging voor de stabiliteit van het schip. Dan is er het euvel dat gevaarlijke stoffen in de containers niet of onjuist worden vermeld. Dit heeft al diverse grote schades veroorzaakt. Vooral de grote Clubs willen geleidelijk de retentie van iedere Club van zeven miljoen dollar nu verhogen naar tien miljoen. Als argument wordt aangevoerd dat de individuele Clubs dan scherper op de kwaliteit van het schip en haar reder zullen letten alvorens dekking te geven. Analyses hebben echter overtuigend aangetoond dat
grote claims zich voordoen bij onverschillig welk soort schip, haar leeftijd of nationaliteit. Een sterker argument in deze tijd zou zijn dat de koopkracht van de dollar buiten de Verenigde Staten sterk is gedaald.
Dat nu al bekend is dat in februari 2009 hogere premies zullen worden gevraagd komt door de bijdragen van de Clubs aan de grote claims die onder de poolovereenkomst vallen. Vooral leden met een goede schadestatistiek zullen niet blij zijn met een nieuwe forse verhoging. De Clubs zouden de premie ook meer moeten baseren op een waardering van het risico dat een lid voor de Club betekent in plaats van zich te baseren op schadestatistieken uit het verleden. Maar het zijn niet alleen de P&I Clubs die worstelen met uit de hand lopende claims. De Gard, met de UK Club de grootste P&I Club, heeft ook een forse casco-
portefeuille met meer dan 6000 schepen. Voor het verzekeringsjaar februari 2006/2007 bedroeg het verzekeringsverlies $ 27,7 miljoen.
In dezelfde periode bedroeg het verzekeringsverlies voor de P&I-portefeuille $ 14,7 miljoen. Men kan rustig stellen dat in zijn algemeenheid bij maritieme verzekeringen onrealistisch lage premies worden gevraagd. De scheidende voorzitter van de Swedish Club zei dat in forse termen, scheidende voorzitters kunnen zich dat permitteren.
________________________________________________________________________________________________________
|